187396 | L. n.v. / V.M.

Gent, 12 november 2002

Fiscale Jurisprudentie, juni 2003, V.22, (6), 630-634

De termijn van 30 dagen waarbinnen de meet- en bemonsteringsresultaten ter beschikking dienen te worden gesteld van het bedrijf dat oppervlaktewaterheffing verschuldigd is, is niet op straffe van nietigheid of verval voorgeschreven.

De wetgever heeft de bedoeling gehad de procedure van de monsterneming te organiseren.
Deze termijn heeft enkel een tijdbevorderend karakter en heeft als doel de resultaten van de metingen zo vlug mogelijk te bezorgen aan het bedrijf dat de heffing verschuldigd is.
Indien de resultaten na de termijn worden overgemaakt heeft dit niet de nietigheid noch enig verlies aan bewijskracht tot gevolg. Het is bijgevolg duidelijk dat deze termijn de openbare orde niet raakt. Hieraan wordt geen afbreuk gedaan door de omstandigheid dat de oppervlaktewaterheffing een belasting is en de reglementering ter zake van openbare orde is.
De rechten van de verdediging werden evenmin geschonden. De monsters werden immers op de dag zelf dat ze genomen werden overgemaakt aan het bedrijf. Het was bijgevolg mogelijk geweest om zelf een contra-analyse uit te laten voeren.

De resultaten mogen gebruikt worden om de heffing te berekenen.