215192 | 17.11.2006 BVR inzake de minimale weguitrusting

Vlaams Min. van Financiƫn en Begroting en Ruimtelijke Ordening,VAN MECHELEN Dirk

B.S., 15.12.2006,2e uitgave, V.176, (407), 72283-72284

Dit besluit legt vast in welke gevallen van het principe van de 'minimale weguitrusting' kan worden afgeweken. Op een stuk grond gelegen aan een weg die, gelet op de plaatselijke toestand, onvoldoende is uitgerust, kan normaliter immers geen stedenbouwkundige vergunning afgegeven worden. Ongeacht de plaatselijke toestand, wordt als minimale uitrusting beschouwd: 'een met duurzame materialen verharde weg, voorzien van een elektriciteitsnet'. Hierop worden nu dus een aantal afwijkingen voorzien.

nvdr: De Vlaamse Regering wordt belast met de co ouml; rdinatie van de bepalingen van het decreet 18.05.1999 houdende de organisatie van de ruimtelijke ordening (DRO) (doc. nr. 152627). De co ouml; rdinatie krijgt het opschrift 'Vlaamse codex ruimtelijke ordening' en treedt in werking op 01.09.2009 (zie doc. nr. 240386).
Voor de concordantietabel klik hier
Voor de lijst met de niet in de Codex opgenomen, voorbijgestreefde bepalingen: klik hier.