223311 | 21.09.2007 BVR wijz. BVR 01.02.2002 wijz. BVR 16.02.1993 tot uitvoering van hoofdstuk IIIbis van de wet 26.03.1971 op de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging, wijz. BVR 22.03.2002 wijz. BVR 16.02.1993 tot uitvoering van hoofdstuk IIIbis van de wet 26.03.1971 op de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging, en wijz. BVR 19.12.1998 tot uitvoering van het dec. 14.07.1998 betr. de euro en houdende diverse wijzigingsbepalingen ingevolge de invoering van de euro

Vlaams Min. van Financiƫn en Begroting en Ruimtelijke Ordening,VAN MECHELEN Dirk

B.S., 23.10.2007,2e uitgave, V.177, (308), 54989-54990

In het kader van enkele rechtszaken werd de rechtsgeldigheid van enkele uitvoeringsbesluiten over de heffing op de oppervlaktewaterverontreiniging uit de jaren negentig betwist omdat de dringende noodzakelijkheid onvoldoende werd gemotiveerd. Deze besluiten werden, omwille van de rechtszekerheid, eind april opnieuw door de Vlaamse Regering genomen, via een correcte procedure, zonder dat de inhoud werd gewijzigd. In het verlengde van deze beslissing wijzigt ze nu, na advies van de Raad van State, definitief een besluit tot uitvoering van hoofdstuk IIIbis van de wet op de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging.

In de uitvoeringsbesluiten van de Vlaamse Regering van 19.12.1998 tot uitvoering van het decreet 14.07.1998 betreffende de euro en houdende diverse wijzigingsbepalingen ingevolge de invoering van de euro, en van 01.02.2002 en 22.03.2002 tot wijziging van het BVR 16.02.1993 tot uitvoering van hoofdstuk IIIbis van de wet 26.03.1971 op de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging worden de woorden '16.02.1993' vervangen door de woorden '13.07.2007' en dit met ingang vanaf de datum van de inwerkingtreding van de betrokken artikelen van de voormelde besluiten van de Vlaamse Regering.