263419 | 23.12.2011 BVR wijz. een aantal besluiten ter integratie van machtigingen en toestemmingen in de stedenbouwkundige vergunning of de verkavelingsvergunning

Vlaams Min. van Financiƫn, Begroting, Werk, Ruimtelijke Ordening en Sport,MUYTERS Philippe

B.S., 17.02.2012,2e uitgave, V.182, (56), 11489-11490

Dit besluit wijzigt een aantal besluiten ter integratie van machtigingen en toestemmingen in de stedenbouwkundige vergunning of de verkavelingsvergunning die terreinen langs waterwegen of stroken langs autosnelwegen betreffen. Deze wijziging heeft tot doel de administratieve overlast voor de burger te verminderen.

De volgende besluiten worden gewijzigd:

  • KB 15.10.1935 houdende Algemeen reglement der scheepvaartwegen van het Koninkrijk:
    Langs bevaarbare waterwegen die met een erfdienstbaarheid van jaag- en voetpad zijn bezwaard, mogen door anderen dan de waterbeheerder geen handelingen of beplantingen uitgevoerd worden, zonder dat daartoe vooraf de machtiging werd verkregen van de waterbeheerder. Als de waterbeheerder over een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning of een verkavelingsaanvraag een gunstig advies uitbrengt, wordt dat beschouwd als een toegestane machtiging. De waterbeheerder kan deze machtiging op elk ogenblik geheel of gedeeltelijk intrekken;
  • KB 04.06.1958 betreffende de vrije stroken langs de autosnelwegen:
    Het is verboden in die stroken te bouwen, te herbouwen of bestaande bouwwerken te verbouwen. Dat verbod geldt niet voor instandhoudings- en onderhoudswerken. Het is verboden in die stroken onwettig opgerichte bouwwerken te handhaven. Voorbij de tiende meter, gemeten van de grens van het domein van de autosnelweg, kan de wegbeheerder echter afwijkingen van het in het eerste lid gestelde verbod toestaan. Als de wegbeheerder over een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning of een verkavelingsaanvraag een gunstig advies uitbrengt, wordt dat beschouwd als een toegestane afwijking;
  • BVR 07.10.1997 betreffende de wijziging van waterkeringen, overstromingsbekkens, wachtbekkens en toegangswegen:
    Als de gewestelijke waterbeheerders over een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning of een verkavelingsaanvraag een gunstig advies uitbrengen, wordt dat beschouwd als een toestemming;
  • BVR 28.06.2002 houdende de nadere bepaling van de regels en bevoegdheden voor de uitvoering van het decreet 16.04.1996 betreffende de waterkeringen op de onbevaarbare waterlopen:
    Als de bevoegde entiteit over een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning of een verkavelingsaanvraag een gunstig advies uitbrengt, wordt dat beschouwd als een toestemming.