300396 | n.v. Polders investeringsfonds / Vlaamse Gewest

R.v.St., 5 februari 2016, 10e K., nr. 233746

De verzoekende partij gaat er onterecht van uit dat de voorschriften van het gewestelijk RUP op haar gronden, die buiten het plangebied zijn gelegen, van toepassing zijn. Ook het feit dat een passage bij de toelichtingsnota bij het gewestelijk RUP verkeerdelijk in de andere zin zou kunnen geïnterpreteerd worden, verandert hier niks aan, aangezien de toelichtingsnota geen verordenende kracht heeft.

Een bedrijf dat investeert in hernieuwbare energie stelt een beroep in tegen de definitieve vaststelling van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) voor het gebied rond de haven van Antwerpen.

Het bedrijf heeft gronden opgekocht in de omgeving daarvan met het oog op de ontwikkeling van haar projecten. Deze gronden vallen net buiten de perimeter van het RUP. Tijdens het openbaar onderzoek dient het bedrijf een bezwaarschrift in. Het bedrijf is van mening dat het gewestelijk RUP de bouw van windturbines verbiedt op gronden gelegen buiten het plangebied van dit RUP. Het bedrijf is onterecht van oordeel dat het door haar ingediende bezwaarschrift niet op een afdoende wijze werd onderzocht.

In verband met het belang, stelt de Raad van State dat het bedrijf ten onrechte meent dat het gewestelijk uitvoeringsplan van toepassing is op de buiten het plangebied gelegen percelen. Het beroep wordt verworpen wegens het ontbreken van belang. Ook al mocht het bedrijf een passage van de toelichtingsnota anders hebben geïnterpreteerd, doet het hieraan geen afbreuk, en dit alleen al nu de toelichtingsnota iedere verordenende kracht ontbreekt.