37165 | 19.03.1992 V. nr. 69 (Vl. R.): Milieuheffingen op de oppervlaktewateren - Meeropbrengst

BROUNS Hubert

V. en A., Vl. R., 27.04.1992,1992(BZ), (4), 136

Is het waar dat de milieuheffingen op de oppervlaktewateren een meeropbrengst van 2 miljard frank hebben opgeleverd? Waarop is deze meeropbrengst gebaseerd? Zal een deel of het geheel van deze meeropbrengst naar het Investeringsfonds overgeheveld om er uitsluitend milieuverbeterende initiatieven van de gemeente mee te kunnen financieren? De oorspronkelijk geraamde opbrengst bedroeg 3,2 miljard frank. Op 28.02.1992 was 4 miljard frank geïnd, terwijl het openstaand saldo 1,4 miljard frank bedroeg. Gelet op het in afhandeling zijn van de bezwaarschriften mag het werkelijk saldo geraamd worden op 1,2 miljard frank. Er is momenteel een meeropbrengst geraliseerd van 0,8 miljard frank. Verwacht wordt dat de heffing 1991 5,2 miljard frank zal opbrengen. Deze meeropbrengst is een gevolg van verschillende feiten: - een onderschatting van het waterverbruik door de gezinnen; - een onderschatting van de vervuiling van de industrie, meer in het bijzonder van de in oppervlaktewater lozende bedrijven; - een grondige en strikte behandeling door de VMM van de aangiften en eventuele bezwaarschriften van de industriële vervuilers. Conform de bepalingen van het decreet van 21.12.1990, art. 35 undecies, par. 8 worden alle heffingen integraal overgemaakt aan het Fonds voor preventie en sanering inzake leefmilieu en natuur. Met dit fonds worden de milieuverbeterende initiatieven gefinancierd. Daartoe behoren onder andere de tegemoetkomingen aan de gemeentebesturen die met het Vlaamse Gewest een overeenkomst hebben afgesloten inzake het gemeentelijk milieu- en natuurbeleid.