92643 | O.M. / V.G.T.

Corr. Gent,2 juni 1994, 22e K.

T.Milieurecht, november-december 1995, V.4, (6), 506

Elke lozing van afvalwater zonder vergunning in de oppervlaktewateren is verboden, ook al gaat het om spoelwater vermengd met resten van kokospellets. De biologische afbreekbaarheid van de geloosde stof en de nutritieve kwaliteiten ervan voor fauna en flora doen niets af aan het strafbaar karakter van de gepleegde feiten. Van zodra er geloosd wordt, moet een schip beschouwd worden als een vergunningsplichtige inrichting voor het lozen van afvalwater, waarvoor op de plaats van de lozing een vergunning als tijdelijke inrichting kan worden gevraagd. Het is de verantwoordelijkheid van de schipper om zijn vaartuig te exploiteren op een wijze die het algemeen lozingsverbod eerbiedigt, bijvoorbeeld door het schikken van zijn ladingen om lozingen te voorkomen of door het lozen in daartoe voorziene inrichtingen. De overheid heeft terzake geen wettelijke verplichtingen.