192161 | 28.11.2003 BVR wijz. BVR 06.02.1991 houdende vaststelling van het Vlaams reglement betreffende de milieuvergunning, van het BVR 01.06.1995 houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne en van het BVR 05.03.1996 houdende Vlaams reglement betreffende de bodemsanering

Vlaams Min. van Leefmilieu, Landbouw en Ontwikkelingssamenwerking,SANNEN Ludo

B.S., 13.02.2004,1e uitgave, V.174, (55), 8799-8811+bijlagen 8812-8815

Het besluit wijzigt bepalingen van Vlarem I, Vlarem II en Vlarebo met het oog op een rationeel energiegebruik en de beperking van de CO2-emissie en het in overeenstemming brengen van sommige bepalingen inzake milieuhygiëne met sommige bepalingen inzake afvalstoffenbeleid.

In onder andere volgende onderdelen worden enkele artikels gewijzigd, opgeheven of toegevoegd:

  • Wijzigingen in titel I van VLAREM:
    • De verplichte gegevens op een vergunningsaanvraag in geval de aanvraag betrekking heeft op een tussentijdse opslagplaats voor uitgegraven bodem zoals vermeld in rubriek 61.1. van de indelingslijst of mits er een capaciteit is van meer dan 10.000 m3 voor een tussentijdse opslagplaats voor uitgegraven bodem zoals vermeld in rubriek 61.2. van de indelingslijst.
  • Wijzigingen in titel II van VLAREM:
    • Beheer van afvalstoffen en van buiten bedrijf gestelde installaties;
    • Lozing van huishoudelijk afvalwater in de gewone oppervlaktewaters of in de kunstmatige afvoerwegen voor hemelwater;
    • Beheersing van bodem- en grondwaterverontreiniging;
    • Inrichtingen voor het opslaan en behandelen van afvalstoffen;
    • Inrichtingen voor het opslaan en sorteren van klein gevaarlijk afval van huishoudelijke oorsprong, aansluitend bij containerparken;
    • Inrichtingen voor de compostering van groente-, fruit- en tuinafval met een composteerruimte kleiner dan 25 m3;
    • Inrichtingen voor het opslaan en behandelen van bepaalde ongevaarlijke vaste afvalstoffen;
    • Inrichtingen voor het opslaan en behandelen van schroot;
    • Inrichtingen voor het opslaan en behandelen van afgewerkte olie;
    • Verbrandingsinrichtingen voor houtafval;
    • Stortplaatsen van afvalstoffen in of op de bodem;
    • Opslag van gevaarlijke producten;
    • Petroleumraffinaderijen;
    • Opvulling met niet-verontreinigde uitgegraven bodem;
    • Tussentijdse opslagplaatsen voor uitgegraven bodem;
    • Toepassingsgebied van de milieuvoorwaarden voor niet-ingedeelde inrichtingen;
    • Particuliere stookolietanks met een waterinhoud van minder dan 5000 liter.
  • Wijzigingen van VLAREBO:
    • Technisch verslag en bodembeheerrapport.

    nvdr: Het BVR 05.03.1996 houdende vaststelling van het Vlaams reglement betreffende de bodemsanering, wordt op 01.06.2008 opgeheven door het BVR 14.12.2007 houdende vaststelling van het Vlaams reglement betreffende de bodemsanering en de bodembescherming (zie doc. nr. 228017).