28987 | 02.07.1981 Dec. betr. de voorkoming en het beheer van afvalstoffen (Afvalstoffendecreet)

Min. van de Vlaamse Gemeenschap,GALLE Marc

B.S., 25.07.1981, V.151, (140), 9334-9340; B.S., 13.03.1982, V.152, (50), 2808, err.

Dit decreet beoogt de gezondheid van de mens te beschermen of het milieu tegen de schadelijke invloed van afvalstoffen (dit is elke stof waarvan men zich wil ontdoen, met uitsluiting van radioactieve afval, afvalwater, giftige afval, gasvormige elementen) te vrijwaren d.m.v. preventief optreden, evenals door hergebruik van afvalstoffen te bevorderen en het verwijderen te organiseren. Dit decreet behandelt:

  • de voorkoming van het ontstaan van afvalstoffen;
  • de verwijdering van afvalstoffen;
  • de afvalstoffenmaatschappij;
  • de vereiste vergunningen;
  • huishoudelijke afvalstoffen;
  • industriĆ«le afvalstoffen;
  • bijzondere categoriĆ«en:
    voertuigwrakken
    afvalolie
    landbouw afvalstoffen
    gevaarlijke afvalstoffen
  • bijzondere afvalstoffen - milieuheffingen;
  • het toezicht.
Een inrichting waarin afvalstoffen worden verwijderd, op- of inrichten, uitbreiden, in werking hebben, verplaatsen, verbouwen of hierin de werkwijze te veranderen, vereist een vergunning die verleend wordt door de bestendige deputatie na advies van het schepencollege van de gemeente waar de inrichting gelegen is volgens de regeling vastgesteld in dit decreet. De vergunning wordt afgeleverd overeenkomstig de bepalingen van het milieuvergunningsdecreet 28.06.1985 en haar uitvoeringsbesluiten (wijziging door art. 55, par. 1, decreet 12.12.1990). De beslissing van de bestendige deputatie wordt door toedoen van het schepencollege ter kennis gebracht van de bevolking van de betrokken gemeente (art. 26). Het college, de gemachtigde ambtenaar, de gouverneur en de aanvrager kunnen beroep instellen tegen de beslissing van de deputatie bij de Vlaamse executieve. Het college van dit beroep geeft kennis aan de gemeenteraad tijdens diens eerstvolgende vergadering.
Inzake het zich ontdoen van huishoudelijk afval is de gemeenteraad bevoegd bij gemeentelijk reglement nadere schikkingen te nemen. De gouverneur van de provincie of de burgemeester van de gemeenten waar afvalstoffen worden achtergelaten, kunnen de verwijdering ervan bevelen en alle nodige maatregelen hiertoe nemen. Ze beschikken hiervoor over uitgebreide bevoegdheden (art. 55) gaande tot het vrij binnen gaan in alle inrichtingen tot opslag van afvalstoffen overdag of 's nachts zonder voorafgaande verwittiging.
Dit decreet heft op voor het Vlaamse gewest: art. 3, par. 2, van de wet 26.03.1971 op de bescherming van de oppervlaktewateren (niet de uitvoeringsbesluiten), art. 38 van de wet 12.07.1973 op het natuurbehoud, de bepaling van het Algemeen Reglement op de arbeidsbescherming voor zover betrekking op afvalstoffen