306766 | b.v.b.a. Vincke / Vlaamse Gewest

MHHC, 26 april 2016, 1e K., nr. MHHC/M/1516/0117

Het niet bijhouden van een logboek inzake het onderhoud van een koolstofwaterafscheider in de zin van art. 5.15.0.7, VLAREM II is strafbaar. Dat de dader zijn handelingen aangepast heeft sinds het proces-verbaal dat het milieumisdrijf vaststelt, verandert niets aan het feit dat het voorgaande strafbaar blijft.

Art. 5.15.0.7, VLAREM II stelt dat de plaatsen waar geaccidenteerde voertuigen worden gestald, uitgerust moeten zijn met een vloeistofdichte vloer. Tenzij anders vermeld in de milieuvergunning, is de vloeistofdichte vloer aangesloten op een lekdicht afwateringssysteem dat voorzien is van een koolwaterstofafscheider en slibvangput, zodat gelekte vloeistoffen noch de bodem noch het grondwater of het oppervlaktewater kunnen verontreinigen.

De goede werking van de koolwaterstofafscheider moet altijd verzekerd worden. De koolwaterstofafscheider wordt zo dikwijls geledigd en gereinigd als nodig is om de goede werking ervan te waarborgen. De exploitant inspecteert daarvoor om de drie maanden de afscheider. Van de inspecties wordt een logboek bijgehouden. De betrokken onderneming maakt op geen enkele manier aannemelijk dat er eerder een logboek aanwezig was. In deze context beging de onderneming overeenkomstig art. 16.1.2, 2°, DABM een milieumisdrijf. Dat de onderneming sinds het proces-verbaal een logboek van de inspecties bijhoudt, verandert niets aan het bestaan van het misdrijf van het niet bijhouden van het logboek vóór het proces-verbaal.